'Demian' van Hermann Hesse
 


MENU

Samenvatting van de lezing op 19-10-2002 door Hans van Meurs over het boek Demian van Hermann Hesse

Vanuit mijn vraag hoe de New Age in het Westen met een christelijke cultuur is ontstaan, ben ik gestoten op Hermann Hesse. Op school zag ik leerlingen, die zich alternatief gingen gedragen met drugs etc.. Een van hen vertelde, dat zij Hermann Hesse las. Het boek Demian (1919) is het beste boek als inleiding op het werk van Hermann Hesse (1877-1962). De hoofdpersoon in een roman van Hesse vertoont autobiografische trekken. Hermann Hesse schrijft over zichzelf. Het gaat over een eenling, die ergens wil uitbreken, en terecht komt in een alternatief denken. Hesse komt voort uit een piëtistische zendingskring. Wat is er in het denken van Hermann Hesse misgegaan? Er zijn twee werelden, de ene met orde, zonde en berouw, en de andere was de wereld buiten. De hoofdpersoon Sinclair (Hermann Hesse) zoekt contact met die buitenwereld, waar ieder probeert met sterke verhalen de ander te overtroeven. Om er bij te horen verzint Sinclair het verhaal, dat hij appels heeft gestolen uit de tuin van de notaris. Sinclair ontmoet later Demian, die zegt, dat men het verhaal van Kaïn en Abel niet moet zien zoals de Bijbel vertelt. Niet Abel is de kerel, de sterke, maar Kaïn. Sinclair  komt aan  Demian vast te zitten, en gaat steeds meer geloven in de gnostiek van Demian. Volgens Demian is de rover aan het kruis, die Jezus bespotte, de held. (Hesse wilde in 1892, hij was toen pas 15 jaar oud, al niets meer van Jezus en het geloof in hem weten). Maar volgens de vader van Sinclair is de visie van Demian een truc van de duivel om de Bijbel als onwaar te zien. Merkwaardig is, dat als Sinclair een meisje (Beatrice) ontmoet, hij haar gaat tekenen, en al tekenend ontstaat Demian, en uiteindelijk tekent hij zichzelf. In het boek kom je ook de god Abraxas tegen, in wie het goddelijke en het duivelse identiek zijn. De weg naar Abraxas is de weg naar jezelf. Je ziet steeds vervloeiingen tussen personen. Goed en kwaad, man en vrouw vloeien door elkaar heen. Alles moet één worden.

Zelfmoordgedachten komen veel in de boeken van Herman Hesse voor, maar het komt er niet altijd van. De eenheid van de natuur is opvallend element in de boeken van Hesse.

Een citaat van Hesse: "Veeleer is het dezelfde ondeelbare godheid, die in ons en in de natuur werkzaam is. En als de uiterlijke wereld ten onder zou gaan, zou één van ons in staat zijn haar weer op te bouwen. Want berg en stroom, boom en blad, wortel en bloesem, alles wat de natuur voortbrengt, is in ons binnenste al vooraf gevormd, komt uit de ziel wiens wezen de eeuwigheid is, wiens wezen wij niet kennen, maar dat zich als liefdeskracht en scheppingskracht manifesteert". Dit zijn eigenlijk new age teksten.

Sinclair mag op een gegeven moment bij Demian thuis komen (dat is aan het einde van het boek). Demian en zijn moeder Eva zijn in elkaar overvloeiend. Die moeder wordt een godin. Ze zegt, dat Sinclair nergens thuis komt. Als Demian in de loopgraven sterft, dan is Sinclair Demian geworden.

Ook in het boek De steppenwolf komen mensen voor, die het goddelijke en het duivelse bevatten. Het vaderlijke en het moederlijke, de wolf en de mens in één. Het leven is een eeuwig smartelijke beweging en branding. Dat doet denken aan Jes. 55: 20 en 21: “Maar de goddelozen zijn als de zee, zo opgezweept, dat zij niet tot rust kan komen, en wier wateren slijk en modder opwoelen. De goddelozen, zegt mijn God, hebben geen vrede”.

Het afschuwelijke bij Hermann Hesse is, dat alle gebeurtenissen onomkeerbaar zijn. Het evangelie spreekt gelukkig anders. Door schuldbelijdenis is volgens de Bijbel wèl een weg terug mogelijk.

Hesse kent een soort antropologie. Je hebt drie categorieën. Allereerst de burgers, de bangerds, het lauwe midden. Dan heb je de tragische mensen, bijv. Nietzsche, kunstenaars, Jezus, criminelen, Vincent van Gogh. Deze mensen worden bewonderd vanwege het feit, dat zij op een bewonderenswaardige wijze ten onder gaan. De derde groep houdt het midden tussen de twee andere groepen. Hun rijk wordt veroverd door, gedragen door de humor, dat als een evangelie wordt gebruikt.

Uit de boeken van Hermann Hesse kan je opmaken, dat hij Nietzsche gelezen heeft. Hesse's boeken worden naarmate zijn leven vordert steeds ingewikkelder en zwevender. Hij is een profeet van new age.

Hans leest nog een stuk voor uit “De steppenwolf” (1929), dat gaat over een dansfeest met een feestroes, het ondergaan van een persoon in een menigte. Ieder gaat op in de ander. Geplaatst in deze tijd zou je kunnen spreken van een houseparty.

Hans eindigt op bewogen wijze met gebed.

Samenvattende punten:

1.  De hoofdpersoon in een roman van Hermann Hesse vertoont autobiografische trekken. Hij schrijft over zichzelf.

2.  Hesse-kenners zeggen, dat Demian een goede inleiding is tot het hart van zijn boodschap.

3.  In het werk van Hermann Hesse komen noties en uitdrukkingen voor, die aan de Bijbel zijn ontleend, maar die zijn “umgewertet” in Nietzscheaanse zin. Hesse steunt op Nietzsche. Alleen daar waar Nietzsche kapot gaat, blijft Hesse in leven door de humor (Traktaat van de steppenwolf). Hij is de potentiële zelfmoordenaar, die net niet de zelfmoord of vernietiging heeft gepleegd.

4.  De romans van Hermann Hesse worden in later tijd hoe langer hoe moeilijker, in die zin dat werkelijkheid en verbeelding steeds meer in elkaar overvloeien. Ook zijn er romans, die beginnen in een werkelijkelijkheid, maar in het verdere verloop steeds neveliger worden.

5.  Er is in het werk van Hesse geen omkeer of terugkeer tot God. Bekering tot God is dan onmogelijk, omdat geen vergeving gevraagd wordt. Je moet dan steeds maar doorleven en dat wordt dan de weg tot zichzelf genoemd.

6.  Ter wille van de mystiek van de eenheid (unio mystica) wordt alles tot eenheid gebracht. Niet alleen datgene dat een mooi “gegenuber” kan zijn zoals man tegenover vrouw, maar ook wat een onverzoenlijk “zuwider” is. Abraxas is de god van Hermann Hesse, de god, die God en satan één laat worden. Alle dogmatiek valt weg, maar ook het verschil tussen goed en kwaad. Dit is gevaarlijke gnostiek.

7.  In het werk van Hesse zit geen wezenlijk verweer tegen het nationaal-socialisme, alhoewel Hesse beslist geen nationaal-socialist is. Maar Kaïn krijgt gelijk, net zoals die onboetvaardige rover naast Jezus aan het kruis. Kaïn en die rover, dàt zijn pas de kerels!

8. Hermann Hesse houdt niet van massabewegingen, hij houdt van de enkeling. Daardoor heeft zijn werk een enorme bekoring voor lieve, bedachtzame enkelingen .

Gedachtenwisseling:

In de gedachtewisseling werd gesproken over nadenken over het geloof en het ernaar leven. Het is gevaarlijk om domweg dogma’s aan te nemen zonder erover na te deken. Je moet de moed hebben om evt. in de war gebracht te worden door een andersdenkende. Je blijft altijd leerling. Je bent met elkaar op weg. Je leert van elkaar. En ten diepste leren we van de Heilige Geest. We moeten ook niet bang zijn voor verandering in bijv, de gemeente, ook al kan dat soms bedreigend lijken. Als je je niet uitstrekt naar wat God nog meer wil geven, dan mis je veel. Durf de confrontatie aan.

Een ander gesprekspunt betrof de drang naar eenheid. Mensen zoeken eenheid. Dat is door God in de mens gelegd. Door zonde is er verdeeldheid gekomen, maar de enige manier om eenheid en harmonie in jezelf,met de ander en met God te verkrijgen is de weg die Jezus wijst. Immers alleen bekering en zondevergeving hebben een éénmakende werking. Dat geeft wezenlijke identiteit. Wie dat niet accepteert, probeert net als Hermann Hesse alles met elkaar te integreren, dus ook goed en kwaad. Hesse is in een diepe crisis geweest en is daar nooit goed uit gekomen. Omdat veel jongeren ook in een crisis zitten, spreekt Hesse hen sterk aan. Veel volwassenen blijven puberaal en weigeren verantwoordelijkheid te dragen. Maar je kunt pas wat voor iemand betekenen, als je iemand bent, en als je wat te geven hebt uit liefde. Dan kan men ook trouw blijven, ondanks aanvechtingen.



© 2000 Interkerkelijke werkgroep "Bijbel of New age" -  http://bijbelofnewage.info