MENU

De verhouding tussen God, mens en aarde, en de implicaties voor ecologische ethiek 

Lezing door dr. Patrick Nullens op 22-06-1996  voor de Interkerkelijke  Werkgroep "Bijbel of New Age"

Dr. Patrick Nullens: Uitgangspunt voor mijn betoog is de relatie tussen ecologie (het milieu) en de verandering van wereldbeeld. New Age zal daarmee te maken hebben; dat hangt ervan af hoe breed of smal men New Age definieert.

Het proefschrift, dat ik over dit onderwerp heb geschreven, is te omschrijven als een stuk eco-theologie: een evangelische reactie op de problematiek in ons milieu. Het bevat twee hoofddelen: de uitdaging, en het antwoord daarop. Vandaag praten we over de uitdaging. Iedere tijd heeft zijn eigen uitdagingen. Maar het Christendom van onze tijd is vaak nog met oude problemen bezig, in plaats van in te spelen op een actuele uitdaging. Wij hebben als Christenen een geweldige erfenis, zowel vanuit Gods Woord als vanuit de traditie, en met die erfenis moeten wij ingaan op nieuwe vragen, de nieuwe uitdagingen aangaan.

De uitdaging van vandaag is te omschrijven als een Gaia centrische revolutie. Een gerichtheid op "Moeder Aarde" in de Moderne Theologie. Die op haar beurt weer is be´nvloed door een algemeen maatschappelijke paradigmawijziging (ombuiging van denkpatronen).

 Waar we mee te maken hebben gekregen is een ernstige ecologische (= milieu) crisis. Dat deze materiele milieucrisis er is, daarover is iedereen het eens. In welke mate, met welke consequenties, in hoeveel tijd, dat zijn factoren waarover veel verschil van mening bestaat. Er zijn grenzen aan onze economische groei (Club van Rome, 1972), maar de ene onderzoeker zal ons 20 jaar meer geven dan de ander. Maar onbetwistbaar is het bestaan van een ernstig probleem, zeker wat betreft de bevolkingsgroei, met name in de Derde Wereld. De directe relatie tussen de bevolkingsgroei en de milieuproblematiek is een materiele realiteit. In Vlaanderen zijn meer varkens dan Vlamingen. En die varkens zorgen voor de nodige vervuiling. We zien die dieren niet, noch hun vervuiling, we verstoppen veel van die zaken. Het verbruik van energie door een bevolking wordt aangeduid met 'steenkoolequivalenten', s.k.e's. Iemand in Ha´ti verbruikt dan 0,029 s.k.e., en iemand in de USA verbruikt 11,2 s.k.e. Stel nu dat je die mensen in de Derde Wereld op hetzelfde niveau van welvaart zou willen brengen als die in de USA, dan krijg je onmiddellijk een gigantisch ecologisch probleem. We gaan al snel naar de 6,5 miljard mensen op deze aarde, en de problemen die deze massa mensen met zich meebrengen voor het milieu, met name in de Derde Wereld, moeten we niet onderschatten. Als daarover iemand dan de alarmklok luidt, dan kun je dat niet negeren: we hebben een enorm milieuprobleem.

De mensheid staat dan ook aan de vooravond van een ideologische revolutie. Het is belangrijk om daarbij te bedenken dat ideologische revoluties altijd verbonden zijn met materiele problematiek. Er is een reŰel probleem. Als dat probleem niet ernstig is, dan zal er geen ideologische revolutie plaatshebben. Neem het Feminisme. Dat is een kenmerk van een reŰel probleem: de onderdrukking van de vrouw in onze maatschappij, en daarop volgt een reactie. Die slaat dan vaak weer door naar een ander uiterste, daarover kan men van mening verschillen, maar er is een probleem. Als er morgen in Rusland weer een kerncentrale ontploft, dan zal het gevolg daarvan zijn dat een ideologische revolutie zich verder doorzet. Als er een tendens in een bepaalde richting is, Ún er komt een materieel probleem bij, dan gaan deze elkaar vinden en versterken. En dan komt er een paradigmawijziging.

Je kunt op 3 niveaus bezig zijn met Ecologie:

Op het eerste en tweede niveau kunnen wij wel allerlei praktische middelen en methoden bedenken om het probleem op te lossen, en allerlei politieke en juridische structuren ontwerpen, maar als de mentaliteit van de mensen niet verandert heeft dat allemaal geen zin.

Het collectieve bewustzijn moet dus veranderen. Het onderwijs moet daarbij een rol gaan spelen om jonge mensen al anders te leren denken. De Kerk moet hierbij een rol spelen, ook de media moeten het collectieve bewustzijn helpen veranderen. Hierover spreken wij vandaag, en dan nog in beperkte mate: wij gaan spreken over de invloed, die in dit proces uitgaat van de Theologie. Dat is interessant omdat New Age zich ook richt op dat collectieve bewustzijn van de mensen. Daar vinden we dus een overlapping.

 Ecologie als wetenschap is gericht op de systeemtheorie. Deze benadrukt de wederzijdse afhankelijkheid van de verschillende elementen. Dat is een vrij nieuwe manier van denken. Tot voor kort hield de wetenschap zich bezig met losse dingen. Maar nu is er sprake van een soort revolutie van het denken in systemen, waarbinnen de onderlinge samenhang en afhankelijkheid wordt benadrukt. Dat is een belangrijk wetenschappelijk gegeven, daar hoeft u nog geen New Age in te zien.

De vraag naar een nieuwe wereldorde dringt zich op. En wereldbeschouwing en ethiek hebben alles met elkaar te maken.

Een wereldbeeld functioneert vaak binnen een zingevingdriehoek. Er zijn dus 3 elementen:

Iedere filosofie, ieder wereldbeeld zal deze 3 elementen moeten bespreken. En in het bijzonder de relatie tussen deze drie elementen: de verhouding tussen mens en kosmos, tussen mens en God, en die tussen God en kosmos (Genesis 1).

Die driehoek bepaalt een wereldbeeld. Vanuit dat wereldbeeld ontstaat een axiologie (= een waardeleer). Voordat je aan ethiek toekomt (dit mag je, en dat mag je niet) heb je typen of waarden nodig. Antwoord op de vraag: wat vind je belangrijk, waar hecht je waarde aan.

Een voorbeeld: als een christen spreekt over de waarde van het lijden, dan zal dat voor een humanist overkomen als een domme opmerking. Want hij ziet in het lijden geen waarde. Want zijn axiologie, zijn waardeleer, is anders dan die van een christen, en deze bepaalt zijn ethiek. 
Een ander voorbeeld: de christen zal spreken over "de waarde van het huwelijk" waar een niet-christen zal spreken over "de waarde van intermenselijke relaties". Een kleine nuance, maar deze zal heel de ethiek van deze mensen be´nvloeden, ook in het pastoraat.

Zo kun je ook spreken over de waarde van de natuur, en dat zal het ecologisch denken vormen, onze milieubewustheid vergroten.

Waar wij nu mee te maken hebben is een axiologische revolutie (verandering van waarden) en een wereldbeeldrevolutie. Deze twee gaan samen: eerst is er de verandering van ons wereldbeeld, en daaruit volgt de verandering van onze waarden in het ecologische denken. Dat denken leidt tot ethiek, tot normen, tot verplichtingen. De axiologie gaat over "hoe het zou moeten zijn", het ideaalbeeld. Daaruit volgt het "hoe pakken we het aan", de ethische verplichtingen. Zo kom je tot een sociaal-politiek programma.

Wij richten ons nu op de revolutie binnen de zingevingdriehoek, de verandering in het denken over de verhoudingen tussen God, mens en aarde, en wat dat betekent voor de ecologische ethiek.

Deep ecologie

Er is een materiele milieucrisis. Er daar komen verschillende reacties op:

Dit noemen we met een engelse term "deep ecology". Hier krijgen we te maken met een verandering van denken over onze houding ten opzichte van de natuur. We moeten de natuur anders gaan beleven. "Denken als een berg, en voelen als een boom", dat soort uitspraken horen daarbij.

U begrijpt dat hier New Age zich zal roeren. Binnen het kader van dit veranderende denken over de natuur zouden we Gaia als symbool kunnen gebruiken. Gaia komt uit de Griekse mythologie, zij is Moeder Aarde, de eerste godheid. Uit haar komt voort Uranos, het mannelijke principe van de hemel.

De thematiek van Gaia als Moeder Aarde vinden we in heel wat godsdiensten terug. Zij wordt genoemd "de moeder van allen", maar ook Astarte in KleinAzie, Artemis met haar vruchtbaarheidscultus in Griekenland, Pachamama (aardmoeder) heet zij in Chili, enz. Als de mensen daar wat drinken, morsen ze opzettelijk wat op de grond, om als het ware een toast uit te brengen op Moeder Aarde. In sommige Afrikaanse culturen wordt een pasgeboren kind niet direct aan de moeder gegeven, maar men legt het eerst op de grond om Moeder Aarde te bedanken. Dit alles komt voort uit de gedachte dat alle mensen uit de aarde zijn geboren, en dat allen weder in haar terugkeren bij de dood.

De wetenschappelijke weg: James Lovelock

In onze moderne tijd is dit denken opnieuw opgekomen via de theorie van James Lovelock, een ex- Nasa medewerker, een genie in de fysica. Hij heeft de Gaia-hypothese in computermodellen uitgewerkt. In zijn visie vormt de aarde met alles er op en er aan ÚÚn geheel. Wanneer ÚÚn van de organismen of elementen van de aarde wordt aangevallen of afgebroken, dan treedt een stukje zelfverdediging van de aarde in werking.

Zo zou de aarde zichzelf in balans houden door een extreem reageren naar de andere kant, zelfs al zou dat ten koste gaan van delen van de schepping, zelfs al zou daarvoor de mensheid opgeofferd moeten worden. Want de mens is in zijn modellen ook maar ÚÚn element op deze aarde.

Voor Lovelock is de aarde dus geen persoonlijkheid, hij is strikt wetenschappelijk bezig, en als zodanig nauwelijks met New Age te verbinden. Hij verkondigt de theorie van de interdependentie, het van elkaar afhankelijk zijn van de verschillende elementen in de ecologische systemen. Bij Lovelock is de aarde allesbehalve vriendelijk voor mens en milieu, want de aarde zelf bevat de meest giftige stoffen.

De religieuze weg: Lynn White

In de "Deep-ecology en in andere bewegingen wordt Gaia duidelijk wÚl gepersonifieerd en gesacraliseerd ('heilig' gemaakt) als "Moeder Aarde". We spreken dan niet van een aardegerichtheid, maar van Gaia gerichtheid. Daar vinden we ook de behoefte aan een ecologische religiositeit, aan bijeenkomsten met rituele handelingen.

Dat brengt ons bij Lynn White. Hij publiceerde in 1967 (nog voor de energiecrisis van 1972) een artikel in het blad "Science": "The historical roots of our ecological crisis (de historische wortels van onze ecologische crisis)". Hij is dÚ man als het gaat over de relatie tussen ecologie en Christendom. Zijn stelling luidt: "De ecologische crisis in het Westen is ten diepste veroorzaakt door het Christendom". Daarvoor voert hij 3 oorzaken aan:

  1. Het Christendom heeft een lineaire visie op de geschiedenis. Het Christendom gelooft in een begin (de schepping uit het niets) en in een einde (nieuwe hemel, nieuwe aarde). Daartussen is een rechte, opgaande lijn getrokken, die getuigt van een geloof in vooruitgang. Dit in tegenstelling tot de meeste andere denksystemen en godsdiensten, die denken in steeds terugkerende cycli.

  2. Het Christendom heeft de natuur 'ontheiligd'. Vroeger geloofden de mensen dat de natuur 'bezield' was (Animisme): van heilige eiken (Duitsland), heilige krokodillen (Egypte) en heilige koeien (India) tot voorouderverering (China). Daar wil men nog steeds niet met een tractor rijden over de velden waarin de geest van hun voorouders woont. Toen het Christendom kwam zei men: die boom is niet heilig, het is Gods schepping voor de mens, en God is de Schepper in de hemel. Toen zo de natuur niet langer 'heilig' was kon de wetenschap ontstaan. Te beginnen bij de middeleeuwse monniken voelde men zich vrij om de aarde en al wat daarop is te analyseren in plaats van deze te vergoddelijken.

  3. Genesis 1, 28 is het vers waarin staat dat de mens over de aarde zal heersen. Daardoor komt de mens sterk centraal te staan: wij mogen de natuur 'opeten'.

Lynn White noemt dit christelijk denken de oorzaak van de milieucrisis in het Westen. En het is van hier naar andere delen van de wereld uitgevoerd via kolonisatie, missie en zending. Lynn White's conclusie: "De kernproblemen zijn in wezen religieus, en moeten dus ook op een religieuze manier worden opgelost".

De athe´stische weg: Jaap Kruithof

Tendensen tot zo'n religieuze aanpak zijn dan ook in verschillende stromingen aanwezig, en vaak daar waar wij het eigenlijk niet verwachten. Ik noem in dit verband Jaap Kruithof. Hij schreef in 1985: "De mens aan de grens". Dat is de athe´stische benadering van de milieucrisis.

Kruithof hekelt New Age vanuit een athe´stische ecologische religiositeit. Hoe kan dat: athe´stisch en toch religieus? Het woord 'religieus" komt van het Latijnse 'religari', dat is 'vasthechten'. De mens voelt zich verbonden met de totaliteit van zijn omgeving. Als de lucht vervuilt is gaan onze ogen tranen. Dat is een wetenschappelijk gegeven. Maar het is ook een filosofisch gegeven: wij zijn te individualistisch geweest. Wij hebben ons te weinig verbonden geweten met het geheel van de kosmos.

Kruithofs boek gaat over religie en godsdienst. Religie is positief bij hem, godsdienst uitermate negatief. Godsdienst heeft volgens hem al het mooie op aarde vertaald in goden en godinnen, en daar moet hij niets van hebben. Religie heeft echter iets van 'betovering', en van 'zich afhankelijk weten', met de daarbij passende vrees.

Dat zijn voor Kruithof basisgegevens voor een religieuze beleving. En dat is wat de natuur bij hem oproept. De natuur in al haar grootsheid en pracht kan heel betoverend overkomen. Tegelijk is de natuur soms ook sterk, en wreed, en laat zien hoe klein en afhankelijk wij zijn. Kruithof wil de natuur opnieuw sacraliseren, als 'religieus' en 'heilig' gaan ervaren. Hij roept op tot een nieuwe  religie, die:   

  1. niet langer de mens centraal stelt.

  2. een nieuwe dynamische en progressieve wetenschap oplevert (niet 'terug naar de natuur', niet    doorslaan naar een ander uiterste, wel b.v. genetische manipulatie).

  3. aansluit bij de rationele traditie van 'gecontroleerd weten' (maar het gevoel moet ook een plaats krijgen, dat is ook heel belangrijk).

  4. materialistisch en athe´stisch zijn (enkel de materie bestaat; er bestaat geen god; het sacrale is niet bovenaards maar aards)

  5. antikapitalistisch moet zijn, dus socialistisch.

Er zal zeker een groep mensen zijn die zich door deze New Age achtige benadering aangetrokken zal voelen. 

De esoterische weg: Fritjof Capra

Een andere New Age richting is die van Fritjof Capra. Evenals Kruithof zegt Capra van zichzelf dat hij geen New Ager is, maar dat zeggen die voortrekkers allemaal. Dat klopt ook, bijbels gezien, want "zij die in de duisternis bezig zijn weten helemaal niet waar ze mee bezig zijn, en al helemaal niet voor wie ze bezig zijn (Derek Prince, bijbelleraar)".

Fritjof Capra ontvouwt een esoterische weg. Hij wil echt een tegencultuur opbouwen, het occulte naar voren brengen. Hij kijkt naar de Theosofie, naar de mystiek van de oosterse godsdiensten als oplossing voor een verandering van onze mentaliteit.

Dat zijn duidelijke kenmerken van New Age. Capra werkt veel met het boek "I Ching" en met het yin/yang principe uit de Taoreligie. In zijn boeken "The Tao of Physics (1975)" en "The turning point" stelt hij Gaia voor als een levend planetair wezen, gebonden aan het vrouwelijke yinprincipe. Yang staat voor het mannelijke principe, de harde techniek, maar die heeft volgens Capra zijn tijd gehad. Nu is het de tijd van yin, van Gaia. Hij komt op voor een feministische spiritualiteit, die ook de hele milieubeweging moet gaan ondersteunen, en die tevens de ideologische achtergrond moet gaan vormen voor milieupolitiek. Tegen de machotechnology van het yang brengt hij de zachte technologie van het yin. Hij spreekt dan ook van een 'turning point', een paradigmawisseling, een nieuwe tijd die zal aanbreken: het Aquariustijdperk.

Hoe je er ook tegenaan kijkt: er is in het denken over ons milieu inderdaad een maatschappelijke revolutie aan de gang.Er is sprake van een paradigmawisseling, en ommezwaai in de mentaliteit. De vraag daarbij is: en wat nu met het Christendom? Ondergaat zij ook de gevolgen van het nieuwe denken?

Volgens mij wel. Je kunt dat zien gebeuren vanaf het Conciliair Proces uit de jaren'80. Gevolgd door de vergadering van de Wereldraad van Kerken in Canberra'92, waar de Koreaanse theologe Chung Hyun Kyung een zuiver syncretistische lezing gaf (syncretisme = vermengen van godsdiensten). En vooral blijkt dat andere denken uit de Moderne Theologie. In verschillende stromingen in de Moderne Theologie is heel duidelijk een Gaiacentrische revolutie bezig.

Je zou het belang van deze paradigmawisseling kunnen vergelijken met die van de Verlichting uit de 18de eeuw. New Age is een belangrijk onderdeel, zelfs een belangrijke inspirator binnen die verandering. Maar zij is niet het enige, er is mÚÚr aan de hand.

Natuurlijk kun je heel die paradigmawissel New Age maken. Maar dan lopen we het risico van grote begripsverwarring. Dan zou je in een Kruithof niet meer zien dat hij athe´stisch en materialistisch bezig is; je gaat de dingen dan teveel op ÚÚn hoop gooien.

New Age is voor mij de gerichtheid naar het Oosten, het binnenhalen van het esoterische en het occulte. Maar er zijn ook mensen die al deze zaken verwerpen, en toch de Gaiacentrische revolutie ondersteunen, en zich verzetten tegen de gedachte van de mens in het centrum van de kosmos. De revolutie, die bezig is, is veel breder dan New Age. New Age is zeker ÚÚn van de belangrijke factoren daarin.

Toch wordt er in New Age literatuur nauwelijks over James Lovelock en zijn wetenschappelijke visie gesproken. Dat komt omdat New Age eigenlijk meer ge´nteresseerd is in het spirituele.

Het kan zijn dat die paradigmawissel tenslotte toch niet doorbreekt. We moeten de invloed van de Verlichting en het gezond verstand niet onderschatten. Maar nog een paar rampen zoals Tsjernobyl kunnen die doorbraak zeker wel snel naderbij brengen.

Invloeden vanuit de Moderne Theologie

Wij hebben wel eens de neiging om alle Moderne Theologie over ÚÚn kam te scheren. Dat is absurd. Binnen dat wereldje rollen de verschillende stromingen vechtend over de grond. Bevrijdingstheologen vegen de vloer aan met procestheologen, en feministische theologen plakken eco-theologen het liefst achter het behang, en omgekeerd. Polemieken vliegen over en weer; dat is misschien ook wel deel van het werk van theologen.

Toch is in al die verschillende stromingen een Gaia-centrische beweging bezig. Ik wil nu verschillende moderne theologische stromingen bespreken, en met u nagaan in hoeverre New Age daarin zijn invloed doet gelden. Hoe spreekt de Bijbel over de natuur, en welke rol heeft de mens daarin?

Het Conciliair Proces in de Kerken over vrede, gerechtigheid en heelheid van de schepping zie ik als een versterker van dat proces. Het was een poging om New Age de Kerken binnen te krijgen.

Als zodanig functioneert ook de Wereldraad van Kerken. Canberra'92 stond bol van de proclamaties, er werd van alles beweerd, maar ik mis het denkwerk in die teksten.

Achter deze buitenkant staat een theologische revolutie. Om deze duidelijk te maken neem ik uit elke stroming een type, een 'dissident' die deze stroming goed vertegenwoordigt.

Een mythologische benadering: Eugene Drewermann

Hij heeft een enorme invloed in de Katholieke Kerk in Nederland en Vlaanderen. Zijn psychoanalytische benadering van de bijbelteksten spreekt velen aan.

Drewermann heeft een Duitstalig werk geschreven over ecologisch denken: "De dodelijke vooruitgang". Hierin verzet hij zich tegen bepaalde elementen uit het Christendom. Hij meent dat wij moeten breken met 3 klassieke overtuigingen in het Jodendom en in het Christendom:

  1. De gedachte dat alles om de mens draait, dat alles in de natuur voor de behoeften van de mens is. Voor hem is met name het Christendom veel te antropocentrisch (de mens teveel centraal), en hij verzet zich ook tegen Christus als mens in het centrum van de Bijbel.

  2. De gedachte dat de zin van de geschiedenis ligt in de vooruitgang vind hij absurd. Vooruitgang heeft op zichzelf geen zin.

  3. We moeten af van onze "doelrationaliteit". Wij hebben bepaalde doelstellingen op het oog, en ons verstand helpt ons dan om die doelstelling te realiseren. Daarbij wordt ons gevoel onvoldoende ruimte gegeven, het onbewuste, de intuitie krijgen er geen plaats, enz. Hier komt dus ook een esoterisch element om de hoek kijken.

Drewermann komt op voor een nieuwe mythologie, waarin het gevoel en het onbewuste een grote rol krijgen toebedeeld: je ÚÚn voelen met de natuur. Voor hem is de innerlijke vervreemding van de moderne mens van zichzelf ten nauwste verbonden met onze vervreemding van de natuur. Zo is Drewermann met zijn psychoanalytische benadering ook Gaia-centrisch bezig.

JŘrgen Moltmann heeft pas in Leuven een eredoctoraat in de theologie gekregen. Hij is ÚÚn van de meest invloedrijke protestante theologen van vandaag.

Moltmann schreef een scheppingstheologie: "God in de Schepping (1987)". Kenmerkend voor Moltmann is een bijbelse verwerking van zijn theologie. Maar we moeten even oppassen met wat we dan bedoelen met 'bijbels'. Moltmann gebruikt veel bijbelse thema's. Drewermann lijkt soms meer een profeet van Freud en Jung, Moltmann blijft dichter bij de tekst. Hij is van mening dat wij onze scheppingsleer opnieuw moeten formuleren. Dat ziet hij als de oplossing voor de ecologische crisis. Wij moeten de schepping vanuit deze crisis opnieuw doordenken. En hij wil daardoor komen tot een scheppingsleer die ook in de praktische kerkelijke ethiek op het gebied van het milieu nuttig is.

Zijn uitgangspunt daarbij is de 'oikos', Gods woontent, de 'shekinagedachte'. "De aarde is daar waar God woont. Maar God woont op meer dan de aarde". En dat brengt hem op het begrip "panenthe´sme". Je hebt panthe´sme: alles is god (Baruch Spinoza); maar als er dan geen onderscheid meer is, wat is dan god? Panthe´sme ligt dan ook heel dicht bij athe´sme (er is geen god).

Panentheisme wil zeggen: alles is IN God. Geloof in God vraagt een onderscheid tussen Hem en de kosmos. Bij panthe´sme valt dat weg. Maar in de Moderne theologie komt het begrip 'panenthe´sme' veelvuldig voor. De gedachte is: God is grenzeloos, en de kosmos is 'IN God'. God is duidelijk meer dan de kosmos; men houdt die meerwaarde vast.

Bij Moltmann ligt de nadruk op Gods aanwezigheid in de kosmos. God is immanent (inwonend), en veel minder 'transcendent' (boven ons zintuiglijk waarnemen). God doordrenkt de wereld, de wereld is Zijn shekina, Zijn woontent.

Zo is God ook aanwezig in Moeder Aarde. Daarin is Hij procesmatig aan het werk, God gaat daarin een weg met ons. Het transcendente van God is bij Moltmann meer datgene wat we van God nog te verwachten hebben in de toekomst.

Moltmann's theologie is heel gevaarlijk. Op het eerste gezicht zou je dat niet zeggen. Maar het probleem bij Moltmann zit niet zozeer in datgene, wat hij zegt, maar in datgene wat hij NIET zegt. Dat is trouwens een sleutel bij heel wat theologen: wat verzwijgen ze? Waarom praten ze niet meer over zonde, zondeval of over de verhouding tussen schepping en verlossing?  De kracht van deze theologie is haar theocentrisme. Niet de aarde is het centrum (zoals in het heidendom), niet de mens (Verlichting), maar God.

Dat lijkt heel goed, maar het gevaar van theocentrisme is dat het vaak panenthe´stisch wordt ge´nterpreteerd. En ons daarom niet verder helpt in onze milieuproblematiek en met onze verhouding tot de aarde, maar ons op een mystiek been zet. God heeft ons toch op een erg centrale plaats gezet in de natuur; we zijn naar Zijn beeld geschapen. Dit christelijk antropocentrisme (de mens centraal) is heel anders dan het humanistische antropocentrisme.

Vandaar ook de tekst van psalm 115, 1516: "Gezegend zijt gij door de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft. De hemel is de hemel van de Heer, maar de aarde heeft Hij aan de mensenkinderen gegeven". Dit is een tekst die dwars ingaat tegen het Moltmann denken, dat hemel en aarde in elkaar doet overgaan. Om dat voortdurend te 'bewijzen' hanteert Moltmann de Bijbel nogal selectief; hij verdoezelt graag wat niet in zijn kraam past. Opletten dus op wat hij NIET zegt.<![endif]>

Eco-feminisme: Radford RŘther

Zij schreef het boek "Gaia en God, een ecofeministische theologie om de aarde te genezen (1992)". Er is een sterke stroming in de Feministische Theologie die neigt naar ecofeminisme. Men legt daar het verband tussen de onderdrukking en uitbuiting van de vrouw en de onderdrukking en uitbuiting van Moeder Aarde. Ook de Bevrijdingstheologie ontwikkelt zich in die richting: opkomen voor de zwakke, de verdrukte (ook: opkomen voor de rechten van onderdrukte dieren...).

Bij Moltmann moet ik nog stevig nadenken; maar tussen mij en Radford RŘther en de eco-feministen klikt het helemaal niet. RŘther is erg predikend, erg emotioneel, haar boek is een moeras. Gaia is voor haar de personificatie van Moeder Aarde op de panentheistische manier: God is IN alles. Maar er is bij haar maar weinig verschil tussen deze visie en het panthe´sme (alles is god). En op alle mogelijke manieren zet zij zich af tegen het mannelijke, tegen de technologie. Haar spiritualiteit vertaalt zij ook in die trend: zij roept op God te danken voor alles wat Moeder Aarde ons geeft.

Procestheologie: John Cobb

Deze wordt veel gehoord in de Engelstalige landen. Zijn sterk filosofische theologie is sterk verbonden met de fysica en met de evolutietheologie. John Cob is de bekendste procestheoloog die zich ook heeft beziggehouden met ecologie. Centraal thema van deze theologie is het procesmatige (evolutie) en de betrokkenheid. God is in een proces met ons (panenthe´sme). Cobb staat in de traditie van Teilhard de Jardin: de evolutieleer wordt theologisch vertaald. In Leuven heeft deze stroming veel aanhang in met name wetenschappelijke kringen.

Verandert God ook in dit proces met ons na verloop van tijd? Ja en nee. God verandert zeker ten opzichte van 'de onbewogen Beweger' van Aristoteles, de onveranderlijke God van het Thomisme. En wij hebben invloed op de verandering van Gods wezen. Maar daarnaast is er een kernelement in God dat onveranderlijk is. Dat zijn de twee kanten van God: een onveranderlijke kern en een veranderlijke kern.

In de procestheologie wordt dit veranderlijke aspect van God benadrukt. In de Bijbel komen passages voor waarin het lijkt alsof God van mening verandert. Berouw heeft (dat Hij de mens gemaakt heeft, Genesis 6, 6). Het Thomisme legt dit uit als een manier van spreken waarin het lijkt alsof God mens is, een stijlvorm om ons iets duidelijk te maken. Maar eigenlijk verandert God niet van mening, heeft Hij geen berouw.

Het gevolg van dit denken is dat je een beeld gaat krijgen van God die niet meer betrokken is bij Zijn schepping. Daarom moeten we nu die andere, veranderlijke kant van God gaan benadrukken, de kant van 'participatie'.

Volgens Cobb is de procestheologie dÚ theologie voor de nieuwe ecologie.

Metaforische theologie: Sallie McFague

Zij combineert Moltman, GŘnther en Cobb in een eigen model: metaforische theologie. Alle theologen, die we hebben besproken, nemen hun uitgangspunt in de milieucrisis. Haar proefschrift heet: "Modellen van God, theologie voor een ecologische nucleaire tijd (1987)". Zij zegt: we moeten anders over God gaan spreken. De Bijbel spreekt over God in beelden (metaforen): Hij is Koning, Hij is Vader. Als je goed oplet kun je zien, dat alle teksten over de schepping, en zeker de Psalmen, zijn geschreven vanuit het koningsperspectief. God heerst! Dat is de centrale gedachte. Hij heerst over de zee en over de bergen; de storm stilt Hij.

De bedoeling van theologie is om nieuwe beelden, nieuwe metaforen van God te geven, naar de behoefte van de tijd. God is dus veranderlijk, maar heeft tevens een onveranderlijke kern (Cobb). In deze tijd is God vooral Moeder te noemen.

Haar theologie heeft succes omdat zij geen moeilijke woorden wil gebruiken. Zij noemt God gewoon 'onze Moeder', of Gaia, Moeder Aarde. En zij realiseert zich dat dit een tijdelijke benaming van God is; over 100 jaar hebben we wellicht een ander beeld nodig.

Maar zij verzet zich nadrukkelijk tegen God als Koning. Dat beeld komen we vaak in de Bijbel tegen, maar dat moeten we loslaten. God is geen heerser meer; de wereld is nu Gods lichaam. Haar theologie zit vol met dit soort 'lichaamstaal; de aarde is de belichaming van God.

McFague is de meest panthe´stische van allemaal (alles is God), hoewel zij zegt vast te houden aan de term 'panenthe´stisch (God is IN alles)'. Ook God is bij haar uiteindelijk lichamelijk.

Deze theologie zal succes hebben omdat zij feministische elementen bevat, de evolutie van Cobb in zich heeft en het ecologisch denken van Moltman integreert, maar McFague heeft meer predikende slagkracht met haar nieuwe metaforen. Ze is begrijpelijker voor veel mensen. Maar haar denken is uitermate Gaiacentrisch.

En zo zien wij hoe Gaiacentrisme op velerlei manieren in allerlei stromingen op weg is om een paradigmawijziging te bewerken. Hoe deze manier van denken de basis wordt voor een nieuwe kijk op de wereld, en voor een nieuwe wereldorde. Een paradigmawijziging waarin het centraal stellen van de mens en het centraal stellen van het mannelijke element onder kritiek komen, en waarin een evolutieproces nu het matriarchale naar voren schuift.

REACTIES

H. v.Meurs: Paradigmawijzigingen zijn er al vaker geweest in de geschiedenis, b.v. in de tijd van Blaise Pascal (16231662). Hij voorzag de Verlichting, en heeft zich tegen dat al te rationele verzet. Je zou Blaise Pascal een beetje onze geestelijke vader kunnen noemen: hij had zowel oecumenische motieven als een duidelijk bijbels inzicht.

Hr.Nullens: Dat klopt; Descartes, de geestelijke vader van de Verlichting heeft duidelijk afgedaan, en de figuur van Blaise Pascal komt duidelijker en met veel meer sympathie naar voren. Een paradigmawissel raakt ons allemaal, en gaat ook onze houding als christenen veranderen. En net als bij de Verlichting zijn er ook nu elementen waarvan we kunnen zeggen: daarin kan ik meegaan. Maar in andere wijzigingen kan ik NIET meegaan. Niet alles in die verandering is slecht, maar we moeten zoeken naar nieuwe aanknopingspunten. Zonder daarin mee te gaan. Dat is de uitdaging.

Eigenlijk vind ik het wel fijn dat die harde techniek en die overheersende mannelijkheid eindelijk eens worden gebroken. Maar als je daarin meegaat ben je al een pleidooi aan het houden voor het Feminisme, en daarin zitten ook elementen die ik niet kan onderschrijven. We hebben altijd al geweten dat er een bovenrationele werkelijkheid is, maar nu New Age datzelfde een beetje anders zegt zijn we boos.

Het sterke van Pascal is dat hij het rationalisme sterk aanviel op zijn beperkingen. Maar als christen toont hij die extra dimensie ZONDER de rationele waarden te verloochenen. Dat is de uitdaging bij Pascal.

Wat opvalt bij het huidige esoterische denken is, dat men dat NIET doet. Het wordt een uitspelen tegen elkaar. Pascal kijkt neer op Descartes: sukkel, zie je dan niet dat er nog meer te vertellen valt!? Maar hij zegt niet dat alles wat Descartes zegt allemaal onzin is.

Die mogelijkheid hebben wij ook. Daarom is Pascal zo'n interessante figuur. De aarde is vervloekt omwille van de mens, het milieu is gebroken omwille van de zondeval van de mens. De zondeval heeft duidelijk een ecologische consequentie.

Je kunt je daarom afvragen of je vanuit de theologie wel kunt spreken van "ecologisch evenwicht". In heel wat christelijke literatuur over de milieucrisis gaat men uit van de vooronderstelling dat het milieu in evenwicht behoort te zijn. Terwijl de Bijbel die vooronderstelling niet deelt. Want dat evenwicht zijn we kwijt.

We moeten dus oppassen dat we onze energie niet gaan steken in iets wat niet realiseerbaar is. Wij misverstaan vaak het begrip 'rentmeesterschap'; dat wordt in de Bijbel namelijk nergens gebruikt in relatie met natuur en milieu.

In Genesis9 krijgt de mens het recht om dieren te doden en op te eten. Dat is heel radicaal. Wij beheren onze koeien en schapen, om ze tenslotte de keel door te snijden. Dat is niet gemakkelijk te rijmen met goed rentmeesterschap. Maar dat is de gevallen schepping, waarin wij terecht zijn gekomen, dat is onze dramatiek. Maar deze dramatiek wordt niet gezien in de moderne literatuur noch in de moderne theologie.

Ds. de Nooy: Vanuit deze optiek zit er dus iets verkeerd in het Conciliair Proces, dat op zoek is geweest naar "de heelheid van de schepping".

Hr.Nullens: Inderdaad, dat is een onmogelijkheid. Tenzij God ingrijpt. En dat gaat Hij doen. De vraag is: wat betekent dat voor mijn ecologisch bewustzijn? Geeft mij dat een vrijbrief om het milieu te misbruiken? Natuurlijk niet! Als iemand ziek is en zijn huisarts wil spreken, dan zegt deze toch niet: waarom zou ik u helpen, u gaat tenslotte toch dood. Als je zo denkt heb je geen ethiek meer, dan ben je immoreel. We hebben allemaal onze ecologische verantwoordelijkheid. Alleen: als christen hebben wij een veel realistischer beeld van de natuur, en van de grenzen van onze mogelijkheden. De natuur wordt in de Bijbel vaak voorgesteld als vijand van de mens: er zijn roofdieren, er is woestijn, de doornen en de distels, daar is de zee die zovele levens genomen heeft, enz. Vanwege dat realisme zou het bijbelschristelijk denken wel eens de ideale filosofie zijn voor een gezond ecologisch denken. Terwijl de Moderne Theologie ons op een verkeerd mystiek been zet, en ons geen stap verder helpt.

Ds. de Nooy: New Age wil die heelheid van de schepping toch vasthouden opdat wij ons ÚÚn kunnen voelen met de natuur, en met de onzichtbare krachten die daarin rondwaren. Een naam in dat verband is Findhorn, het ecologisch paradijs in Schotland.

Hr.Nullens: Findhorn is een demonstratie van de New Age ecologie. Daar wordt die eenheid met de natuur praktisch beleefd.

Maar daar, en in ook in Canberra '92, en bij zoveel moderne theologen, is het centraal stellen van Christus volledig zoek. Dat is het grootste gevaar in tijden van grote veranderingen. Daarom moeten we waakzaam zijn.

Bovendien is Christuscentrisme de beste manier om wat aan het milieu te doen. Dietrich Bonhoefer wordt vaak gezien als de kerkvader van de Moderne Theologie, hij gaf een belangrijk impuls aan het oecumenisch denken. Maar hij was zich wel heel bewust van het kwaad, van de gebroken schepping. Hij wist dat wij niet alle problemen kunnen oplossen, maar dat we wŔl een roeping hebben. Hij ging veel realistischer om met de zondigheid van de mens dan de Moderne Theologie van vandaag.

Per slot van rekening zijn veel milieuproblemen terug te voeren op materialisme en menselijk ego´sme, op begeerte. Maar hoe pak je begeerte aan? In dat verband kennen we de "economie van het genoeg", die oproept om tevreden te zijn met wat je hebt. En om verlangens en andere behoeften maar van je af te zetten. Maar hoe doe je dat? Hoe pak je dat aan?

Hr.Joosten: Misschien door er op te wijzen dat leven niet is een 'hebben', maar een 'er zijn'.

Hr.Nulens: In 1 Timotheus 6 schrijft Paulus een stuk over tevredenheid. Daarbij wijst hij er op dat deze aarde een tijdelijke werkelijkheid is, en dat wij nog een verwachting hebben van een leven hierna. En die gedachte zijn wij met z'n allen kwijt....

Daarom moet je uit dit leven alles halen wat er voor jou in zit. En dan kun je niet tevreden zijn met 'genoeg'.

Hr.Luttik: De huidige samenleving hecht nauwelijks belang aan wat de Bijbel zegt. Die Bijbel is immers ontstaan in een heel andere tijd, en die teksten moeten we in onze tijd dus heel anders lezen en uitleggen. Zelfs zo anders dat ze helemaal nietszeggend worden.

Hr.Nullens: Je hebt twee modellen van omgaan met de Bijbel:

     1. De traditionele manier, die de teksten heel realistisch interpreteert. Wat sterk patriarchaal overkomt en kennelijk niet vriendelijk is voor het milieu.

     2. Moltmann zegt: nee, dat is niet alles, je moet opnieuw interpreteren. Hij gaat veel subtieler te werk, brengt eigen accenten aan, en gaat daarbij soms lijnrecht in tegen de traditionele manier van denken over Gods Woord.

Hr.Joosten: U concludeert dat het christelijk denken de beste manier is om uit de ecologische problemen te komen. Terwijl Lynn White juist zegt dat het christelijk denken de huidige milieucrisis heeft veroorzaakt.

Hr.Nullens: Daarom moet ik Lynn White ook wat weerleggen, en wijzen op Descartes en de Verlichting als oorzaak. Lynn White noemt een aantal concepten die feitelijk niet eigen zijn aan het christelijk denken. Op een bepaalde manier zijn ze eigen, b.v. heersen over de schepping. Maar wij betrekken daarbij ook de zondeval. Een dan moeten we concluderen dat een aantal van deze problemen niet door de mens kunnen worden opgelost. Dat ontslaat ons niet van de wekelijkse rit naar de glasbak of van het inzamelen van oud papier; we hebben en houden in dit alles onze eigen verantwoordelijkheid.

Mw.Joosten: Als je Openbaring bestudeert kun je zien, dat de mens wel in staat zal zijn om een heel eind te komen met zijn eigen oplossingen. Maar dan komt het moment dat alles als een kaartenhuis in elkaar stort.

Hr.Nullens: Dat stuk in 1 Timotheus 6 wil ik echt met jullie delen, als een geestelijke boodschap voor onze welvaartmaatschappij. Ecologisten hebben wel gelijk met hun kritiek op bepaalde punten, en we moeten op onze consumptie letten. Maar hoe doe je dat?

     1 Timotheus 6, 6: "Nu brengt inderdaad de godsvrucht grote winst indien zij gepaard gaat met tevredenheid. Want we hebben niets op de wereld meegebracht, en kunnen er ook niets uit meenemen. Als wij echter onderhoud en onderdak hebben moet ons dat genoeg zijn. Maar wie rijk willen zijn vallen in verzoeking, in een strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerten, die de mensen doen wegzinken in verderf en ondergang".

Dat is de economie van het genoeg, dit woord heeft ecologische betekenis, het is ook een economisch model.Dat 'verderf en ondergang' heeft een microwaarde, vaak in gezinnen, maar ook een macrowaarde, in de ecologische crisis. Als je weet hoeveel miljarden aan bedrijfsbelangen van directeuren en aandeelhouders op het spel staan in de milieuproblematiek.... dat spel daarachter dat gespeeld wordt... En hoe komen we daar ooit uit? Door ons te realiseren dat dit leven hier slechts tijdelijk is, dat we pelgrims zijn, en dat we meer te verwachten hebben.

De filosoof Etienne Vermeers, een athe´st, heeft een boekje geschreven over ecologie, dat heet "Het oog van de panda". Hij is een antropocentrist (de mens centraal), dus geen Gaiacentrist. En hij vraagt zich af: wat is er met de Christenen gebeurd? Ze zijn net zo als alle anderen geworden. Er is geen verschil meer. Vroeger hadden ze die gerichtheid op het hiernamaals. Maar het Christendom is zijn gerichtheid op de hemel kwijtgeraakt, en daarom leven de christenen er net zo hebzuchtig op los als alle anderen".

Hr.Joosten: De ecologische crisis is een gevolg van onze hebzucht. Maar in het begin van uw betoog hebt u ook de enorme toename van de wereldbevolking, met name in de Derde Wereld, genoemd als oorzaak. Dat heeft niets met materialisme te maken. En daar zegt deze tekst van Paulus ook niets over.

Hr.Nullens: Christelijke ethiek is in zekere zin ook antropocentrisch, net als wijzelf. In het Gaiadenken zegt men: de naaste is veel meer dan de mens; alle medeschepselen zijn mijn naaste. Je moet dus je medeschepsel lief hebben als jezelf. Een dergelijke uitbreiding gaat mij te ver; liefde voor de natuur is een gevaarlijke weg.

Kan ik dan die tekst over mijn naaste op een andere manier uitbreiden? Ja, dat kan met de gedachte dat mijn naaste ook is mijn nageslacht. Mijn naaste in de Derde Wereld zie ik niet, ken ik niet, en zij die nog niet geboren zijn ken ik evenmin, zie ik evenmin. Toch heb ik jegens hen een verantwoordelijkheid. Wat wij nu doen met ons milieu heeft gevolgen voor ons nageslacht. Door zo te denken blijf ik toch antropocentrisch, kan ik mijn ethiek uitbreiden met mijn ecologische verantwoordelijkheid.

Ds. de Nooy: Ik heb een bezwaar tegen die uitbreiding van de naaste naar het nageslacht. Volgens de griekse duiding van het woord moet mijn naaste zichtbaar zijn, hoorbaar, tastbaar. Als je dat gaat uitbreiden naar toekomstige generaties, dan ga je eigenlijk buiten je boekje.

Hr.Nullens: Dat kan ik wel begrijpen, zeker in de context van het verhaal over de barmhartige Samaritaan. Misschien is het beter om jegens de naaste die zich niet in onze directe omgeving bevindt, gebruik te maken van het woord 'rechtvaardigheid', om te spreken van rechtvaardigheid tussen generaties.

Ds, de Nooy: Ik moet hierbij denken aan de tekst dat de zonden der vaderen worden bezocht aan de kinderen. Bekend is dat ouders hun occulte belasting doorgeven aan hun nageslacht, tot in het vierde geslacht. Dat gaat ook op als wij gif storten in het water. Met andere woorden: wat wij nu aan slordigheden ons milieu aandoen heeft gevolgen voor...

Hr.Nullens: Dit denken komt heel sterk naar voren in het joodse denken in het Oude Testament. In de christelijke ethiek is dat aspect nog niet voldoende onderzocht. Maar hier zit iets in, en wij worden daar nu meer dan vroeger bij bepaald.

Mw.Joosten: Het is ook niet louter negatief, ook de zegeningen der vaderen komen ten goede aan hun kinderen.

Ds. de Nooy: Het heeft alles te maken met een stuk verantwoordelijkheid jegens het nageslacht. Maar de meesten onder ons zijn zich daar helemaal niet van bewust.

Hr.Nullens: Je kunt wel zeggen: de wetenschap zal wel een oplossing vinden voor al dat afval van ons, maar daarmee zadel je de volgende generaties toch op met een enorm materieel probleem. Wij leven gewoon op een niveau dat onze kinderen wel moet benadelen. Dat is een realiteit. En als christen moeten wij daar beter afstand van kunnen nemen dan anderen. Want wij hebben een dimensie meer.

Hr.Kuizenga: Al deze nieuwe theologiŰn gaan er van uit dat niet langer de mens centraal moet staan, zoals in het Christendom het geval is. Dat zou beter voor het milieu zijn, heet het. Maar als ik dan kijk naar andere religies, dan zie ik dat het milieu er daar niet bepaald beter aan toe is dan bij ons. Juist hier in het Westen zijn wij degenen die proberen er wat aan te doen. Er zitten heel gevaarlijke aspecten aan het sacraal maken van de natuur, waar immers het recht van de sterkste geldt, en waar de zwakken het loodje leggen.

Hr.Nullens: Ik heb geprobeerd om aan te tonen, als theoloog, dat in de Moderne Theologie tendensen zijn waar te nemen die volgens mij niet uit God zijn. Ik verzet mij daar tegen. Maar zij vormen wel de nieuwe uitdaging. En een uitdaging is niet altijd positief, het is ook een confrontatie. U hebt gelijk: als je ziet hoe het Boeddhisme afstand neemt van de realiteit, zich een illusie schept, dan is dat niet bepaald milieuvriendelijk. Daar komen we geen stap verder mee.

Hr.v.Meurs: Je kunt ook zeggen: ons vuile werk laten wij het liefst opknappen door mensen uit de Derde Wereld. Want die doen het niet alleen voor een hongerloontje, ze riskeren daarbij ook de grootste milieurisico's. Kijk maar eens wat een vervuiling er plaats vindt aan de kusten van Pakistan en India, waar onze oude olietankers worden gesloopt. Je kunt daarvoor niet hun religie de schuld geven; voor hen is dat werk een kans om te overleven. Maar de werkelijke schuldigen zijn wij zelf.