MENU

De magnetiseur, de bijbel en wij
 

Een woord vooraf. Ik besef dat er christenen zijn die zich onwetend van het onderstaande, maar wel oprecht en met de beste bedoelingen bezig houden met magnetiseren. Daarbij wil ik uitspreken dat ik hun menslievendheid bewonder en hen zeker niet wil kwetsen. Maar vooral wil ik hen vragen dit artikel biddend en met een open geest te lezen. Als u vragen heeft of wellicht hulp nodig hebt, regeert u dan a.u.b. via de contactpagina.
 

Omdat de spreekkamers van magnetiseurs nogal eens opgesierd worden met een kruis en een al dan niet opengeslagen bijbel, ben ik nagegaan of die attributen wel terecht aan magnetiseren verbonden kunnen worden. Vooral omdat magnetiseurs hun strijken vaak vereenzelvigen met bijbelse handoplegging. Het heeft me aangezet om op zoek te gaan naar het voorkomen van magnetiseren in de bijbel. De enige gebeurtenis die ik daarbij tegenkwam, is het verhaal over de genezing van de buitenlandse generaal Naäman. We kunnen daaruit afleiden dat magnetiseren alleen buiten Israël voorkwam. Het verhaal over Naäman staat opgetekend in het bijbelboek 2 Kon 5 verzen 9 t/m 19. Ik raad aan om voor een beter begrip die schriftwoorden eerst goed door te lezen.

In vers 11 wordt erover gesproken dat Naäman verwachtte dat de profeet Elisa zijn hand over de aangetaste plek zou strijken om zo de melaatsheid weg te nemen. Hij verwachtte blijkbaar dezelfde behandeling als van de genezers in zijn eigen land Aram (Syrië), maar hij kreeg de opdracht van de bediende van de onzichtbaar blijvende profeet, om zich zevenmaal in het “tweederangs riviertje” de Jordaan te baden.

Naäman (zijn naam betekent “de liefelijke”) die aanvankelijk verontwaardigd heenging, moest zich vernederen. Hij baadde zevenmaal in de Jordaan en zijn melaatsheid verdween. Daardoor kwam hij tot de verheven uitspraak “Ik wist wel dat er behalve in Israël in de hele wereld geen God is.” Het waren serieuze woorden, want hij besefte tegelijk, dat hij het niet meer kon maken om terug in Aram met zijn koning mee te moeten buigen in de tempel van Rimmon. Maar door woorden van Elisa voorzag God in vergeving daarvoor: “Ga in vrede” (vers 19)

Als we verder lezen, zien we nog dat Gechazi, de bediende van Elisa, die als Jood van huis uit geleerd had om eerbied voor Jahwe te hebben, God niet serieus neemt. Hij is uit op het door Elisa geweigerde geschenk en denkt (vers 20): “Zowaar de HEER leeft, ik ga hem zo snel mogelijk achterna om iets van hem aan te nemen”. En alsof God een machteloze blinde was die niet mee keek, durfde hij nog te liegen ook: Toen hij zich weer bij zijn meester meldde, vroeg Elisa hem: “Waar ben je geweest, Gechazi?” “Ik? Nergens,” antwoordde hij. De melaatsheid ging vervolgens over op deze “zoon van Abraham”. De genezing was voor Naäman uit den vreemde, die God wel serieus nam. 

We hebben hier te maken met een geestelijke geneeswijze 

De tastbare geneeswijze van artsen in onze tijd noemen we allopathie, daarbij worden ondermeer medicijnen, massages en operatieve ingrepen toegepast. Magnetiseren en Gebedsgenezing zijn daar niet mee te vergelijken, omdat zij beiden op het geestelijke vlak plaatsvinden. Het water van de Jordaan had bij Naäman een symbolisch reinigende werking. Wat een magnetiseur doet, staat ver van bijbelse genezing door gebed met handoplegging (1 Tim. 5:22) of door middel van zalving met olie en schuldbelijdenis zoals in Jakobus 5. 

In de christelijke traditie geschiedt genezing met handoplegging in de naam van de Heer. Magnetiseurs heb ik dat nog nooit zien doen. Ik wil hier zelfs een ander verband leggen. De inmiddels overleden parapsycholoog Prof. Dr. Ten Haeff toonde onderlinge verbanden aan tussen spiritisme, magnetiseren en paranormale zaken zoals helderziendheid ( Magnetiseurs, somnambules en gebedsgenezers. Den Haag, I, 1951,56). Mensen die aan spiritisme deden, bleken opeens over paranormale gaven te beschikken. In de praktijk blijken die gaven vaak erfelijk doorgegeven te worden. In mijn optiek is er dan sprake van geesten die met deze gaven in het geslacht blijven (een soort geleidegeesten dus) en komen we in de sfeer van zaken die voor God verfoeilijk zijn (Deuteronomium 18:10-13). En welke alternatieve genezer die bewust of onbewust met behulp van geesten werkt, kan de goeden van de kwaden onderscheiden ? Voor new agers lijken uitsluitend goede geesten te bestaan. In de bijbel zijn meerdere waarschuwingen te vinden om dit terrein niet te betreden. Christenen (tenzij met de bediening van exorcisme) moeten er ver vandaan blijven, het is te riskant ! Bovendien is het allemaal surrogaat voor de geestesgaven geschonken door de heilige Geest van God, lees in dit verband eens 1.Korinthiërs 12 verzen 1-11

In het christendom wordt de gave van genezing dus geschonken door de Heilige Geest (1.Korinthe 12:9), die gave is nooit aangeboren of overgeërfd zoals bij magnetiseurs vaak wel het geval is. Volgens de bijbel geeft God de gaven van de heilige Geest niet aan ongelovigen. Handoplegging is in de bijbel een symbolische handeling, een bekrachtiging van iets wat feitelijk in de geestelijke werkelijkheid plaatsvindt. We lezen nergens dat Jezus zijn handen afsloeg of dat Hij zieken op de wijze van magnetiseurs bestreek. Als Jezus genas, deed Hij dat geen twee keer op dezelfde manier om te vermijden dat wij ons in systemen zouden gaan verdiepen in plaats van God aan te roepen en het van zijn heilige Geest te verwachten. Op grond van al deze feiten mogen we aannemen, dat magnetiseren strijdig is met de bijbel en het christelijke geloof.

Wat zegt het verhaal van Naäman ons nog meer? 

Maar ook voor christenen en joden heeft dit verhaal een betekenisvolle inhoud. Er staat een verwijzing naar Naäman in het bijbelboek Lucas 4:21-30 waar de inwoners van Nazareth Jezus (later ook wel aangeduid als het geheimenis Gods) niet erkenden en Hem uitdaagden om de wonderen te doen die Hij in andere steden wel gedaan had. En ze zeiden daarbij over Hem: wat meet die man zich wel niet aan, Hij is toch maar Jezus, de zoon van onze timmerman! Jezus zei daarop: “Er waren vele melaatsen in Israël ten tijde van de profeet Elisa, en geen van hen werd gereinigd, doch wel Naäman de Syriër”. Waarop ze zo woedend werden, dat ze Hem in het ravijn wilden gooien. 

Het zegt allemaal niets: Abraham tot vader hebben (Jood zijn), kerkgang, kerklidmaatschap, doopritueel, feitenkennis en allerlei afleidende theorieën, als we ons niet als Naäman vernederen en ingaan op Gods aanbod om gereinigd te worden. Die weg is voor ons mogelijk geworden door het verzoenende kruisoffer van Jezus Christus.  

Ik ben wel eens bezorgd over mensen die het altijd maar druk hebben met tradities, israëltheorieën, de opname, de verloren stammen, de eindtijd, of het centraal stellen van de sjabatsviering, en bij wie Jezus Christus uit het zicht dreigt te verdwijnen en het niet tot het ware kennen van God komt.

Dat is dus ook het kennen van Jezus in wie alle schatten der wijsheid en kennis verborgen zijn (Kolossenzen 2:2-3), maar niet verborgen bleven. God heeft ons al veel daarvan in Jezus’ leven, lijden en opstanding getoond. 

(Deze overdenking werd uitgesproken door J. van Dijl bij de opening van onze bijeenkomst op 25 sept. 2004)



©Interkerkelijke werkgroep "Bijbel of New age"   De rechten zijn in 2010 overgegaan op stichting Sense